dinsdag 13 januari 2026

Mist op de Elsterkop (een wintermiddag)

De dooi-aanval is gelukt. 
Dacht ik.

Na het schrobben van de badkamer en een paar uur schrijven keek ik uit het raam: sneeuw weg. Mooi. Tijd om weer naar het bos te fietsen. Het kan weer.

Maar...



Maar... hoe dichter ik bij het bos kwam, hoe meer sneeuw er lag. Toch nog! Zelfs op het fietspad.  Kennelijk had de dooi hier andere plannen.

En nu ik er toch was, bleef ik maar 😊

Ik zette mijn fiets tegen een hek en liep het bos in. Tussen de bomen dansten melkwitte nevelslierten, vlak boven de grond. Ik maakte snel een paar foto’s, bang dat het zo weer weg zou zijn.

Dat was niet zo.
Dus wandelde ik dan weer niet in de mist, en dan weer wel. 

Zo leuk!


Het pad naar de Elsterkop werd hogerop steeds witter èn gladder. Het heideveld langs de helling: wit als sneeuw, haha. En ook hier die nevel, beweeglijker dan beneden. Het golfde, wolkte, danste… het leek te ademen. 

En dat geluid om me heen: drup, drup, drup.
Van bomen en struiken.



Ik zag wintermuggen (die bestaan dus). Maar ze vangen met mijn lens lukt niet. Ze zijn zo beweeglijk. En ik hoorde de klagende roep van een zwarte specht. Het leuke is dat ik weet wanneer hij die roep laat horen: het is een zit-roep. Hij zit dan tegen de boom gekleefd. 

En even brak er een bleek winterzonnetje door de wolken. 
Ik zag zelfs een stukje blauwe hemel.

👉 Video van Wildlife World: Black woodpacker 
(de klagende roep hoor je ongeveer op 1:13)  



Geweldig, zei ik hardop, en ik stuurde gauw een mistfoto naar mijn man om te laten zien hoe mooi de Elsterkop er vandaag uitzag. De Utrechtse Heuvelrug is prachtig.

Zelfs als het dooit 😎

---

👉 dooi-mist: dooi + koude ondergrond + smeltende sneeuw = extra waterdamp, en dus mist vlak boven de grond

woensdag 7 januari 2026

Terug naar de jaren zeventig

Mijn man bleef buiten staan.
Hij zei: “Ik zie je zo wel.”
Ik ging naar binnen.


In het Openluchtmuseum staat een rijtje doorzonwoningen. [1] Mijn man vind ze verschrikkelijk. Ik niet. Ik ging wèl naar binnen, gewoon om even sfeer te proeven en já... ik was meteen enthousiast over wat ik zag!

Kijk hieronder.
Herken je de sfeer?


Dit ken ik!

Wij hadden vroeger ook zulke kussens op de bank.
En zo’n koffiezetapparaat, maar dan in een andere kleur.
Dat schilderij aan de muur... mijn moeder borduurde zoiets.


Wat leuk allemaal.

En die pan! Ik dacht: zo’n pan wil ik ook... als ik er ooit eentje bij de kringloop zie, dan koop ik hem en ga ik er stamppot boerenkool in koken. 

Of is het een juspan?



Ik bleef niet lang want er waren nog meer mensen in het huis, die alles bekeken. Het was zo druk dat ik zelfs niet boven kon kijken.

Alleen nog een foto van de plant. Van de bloempot.
Zo gaaf, al die oranje accenten.

Toen stapte ik het huis weer uit en knipperde tegen het licht. Zoeff, gleed zo van de jaren zeventig naar het hier en nu. Geen meisje meer in een doorzonwoning; maar je weet wel, een vrouw van. Gewoon wie ik nu ben. Ik.

Samen liepen we in de richting van de molen.
Daar ontdekten we een restaurantje.
Zullen we even opwarmen?
Ja doen we, zeiden we tegen elkaar.

⛄Het was erg kou!



Op de foto hierboven: ik met mijn koffie 😅 Nee hoor. Dit is een nieuwjaarsduik in een selfie-soepkom: een veilige, warme variant van de echte.

Na onze èchte koffie liepen we weer verder het museum in.
Gezellig.

---

PS. Het museum heeft 6 doorzonwoningen. Dat zijn rijtjeshuizen uit de jaren vijftig tot zeventig, met een groot raam aan de voorkant en aan de achterkant. Ze zijn in die tijd door heel Nederland heen gebouwd. Een van de huisje (waar ik naar binnen ging) is ingericht zoals rond 1975. Het huis is bedoeld om herkenning op te roepen bij mensen met dementie. 

Linkje: Welkom in de Prinses Margrietstraat

🏠Als je aan vroeger thuis denkt, aan het interieur... wat schiet jou dan als eerste te binnen?

maandag 5 januari 2026

Natuurpad Prattenburg in de sneeuw

We spraken af: een uurtje.
Omdat er nog steeds sneeuw ligt in het bos


Mijn man zou twee keer de route met de groene paaltjes doen (hardlopen). Ik zou gewoon wandelen en dan zouden we elkaar vanzelf 2 keer tegenkomen. Hij op zijn waterdichte trailrunning-schoenen, ik met mijn oude snowboots aan.

En zo gebeurde het.

De eerste keer dat we elkaar tegen kwamen was kort, vluchtig. Een knikje, een lach, een foto... hij weer door, ik verder. Hierboven neemt hij een foto van mij.

En hieronder een paaltje van de groene paaltjes route ... van harte aanbevolen, deze route. Leuk in de sneeuw, maar zonder sneeuw is het ook geweldig in dit bos.

Ik ging nog even langs mijn lievelingsplek.
Op zoek naar lieveheersbeestjes.

Alle kleine sparren hadden een mutsje op. Echt allemaal. Kijk hieronder ben ik op zoek. Op het eind buk ik bij het sparretje waar lieve heersbeestje 'Dot' in zat, de vorige keer. Ik heb het sneeuwmutsje laten zitten en wenste Dot een goede winterslaap toe. 

(klik op gele link 👆 en bekijk Dot op de laatste foto van die blog)


Doorlopen maar weer. Zo blij met de snowboots, want de sneeuw kwam bijna tot de rand van mijn laarzen. Mijn voeten bleven lekker droog 

Klimmen, klimmen... de heuvel op. De tweede keer  dat we elkaar tegen kwamen was bij de kleine heide, en juist op dat moment brak de zon door. Alsof iemand in slow motion een groot gordijn open schoof. Ik stond ademloos te kijken. En daar kwam mijn hardloper weer aan

Toen hebben we samen even het uitzicht bewonderd. We kletsten wat, maakten foto’s van elkaar en natuurlijk ook een blije selfie samen. 

Daarna gingen we weer ieder ons eigen ding doen. Individueel verder: hij rennen, ik wandelen. Hij was natuurlijk véél eerder bij de auto dan ik. Eindstand: 15 kilometer voor hem. Ik kwam uit op ruim 5 kilometer. Met als kleine nuance dat ik veel stilstond voor klikkerdeklik mooie plaatjes.

Dit keer alleen met mijn Iphone


Ik vond het een leuke eerste werkdag, met dat onverwacht zonnige moment en al die mooie sneeuw.

Heb jij vandaag de zon gezien?

vrijdag 2 januari 2026

Ja zeggen tegen het bos (en de sneeuw)

2 januari. Sneeuw. 🌲⛄

Kom, we stappen in de auto, zei mijn man. Hij ging hardlopen, ik wandelen. Later zou hij me weer ophalen. Deal. 

...ik twijfelde eerst. Ik had meer zin in bankhangen. 

Toch wanten aan, camera in de rugzak, wandelstok mee... en het bos in. Wauw, wat was het mooi. Ik keek mijn ogen uit en maakte foto na foto. Vooral de beuken!


Op Instagram schreef ik:
sneeuw op het pad ❄️
en tussen al dat wit
beuken met dor blad 🍂

Ik vond het mooi. Maar ik voelde me niet superblij. Blijkbaar kan dat naast elkaar bestaan. Ik was mijn zitmatje vergeten... mopperdemopper. Ik wilde eigenlijk gewoon ergens zitten en kijken. Met koffie. En koffie had ik ook al niet bij me. Mopperdemopper. Dat zeurde een beetje door mijn hoofd, terwijl ik door al die schoonheid wandelde. 


Hieronder: eerst een telefoon-foto, daarna een grote camera foto. Dat was een heel gepuzzel, want het sneeuwde op den duur zo hard, dat ik het knopje niet meer zo goed kon induwen. Mijn vingers zagen rood van de kou.

Volgende keer mag alleen mijn iPhone mee
Veel eenvoudiger.



Koude handen. Natte broekspijpen.

Zonder dat ik het doorhad, wandelde ik bijna zes kilometer. Voor het eerst weer. Na mijn “uitschakeling” halverwege 2025 was het me nog niet gelukt. Ik blij. 

En over dat mopperdemopper: ik denk dat dit mopperdemopper gewoon normaal is. Dat je én kunt genieten van het wonder van het gewone, en tegelijk voelt dat het niet helemaal perfect is. Je hoeft toch niet perfect te genieten? 

En uiteindelijk ben ik zo blij dat ik ja zei. Tegen mijn man. Tegen het bos. Tegen even gaan, ondanks de twijfel. Het levert me in ieder geval een fijne eerste blog van 2026 op.

Mijn lieve Dot, slaap veilig bovenin dat kleine sparretje. 🌲🐞
Geniet van je rust. De lente komt vanzelf. 

Zie je mijn wanten? 🧤
Kleine tip voor wie last heeft van Raynaud: kies wanten, geen handschoenen.
Waarom? In wanten kruipen je vinger lekker bij elkaar. Warmte delen werkt beter en je handen blijven daardoor langer warm dan in een handschoen. 

Nu ga stoppen. 

Alleen deze ene foto nog. 

NL tekst: Koffie. Die vergat ik. Thuiskomen en warm worden


Tot de volgende keer...

woensdag 31 december 2025

Dank je wel

Mijn man maakte gisteren deze foto tijdens ons uitje naar het Openluchtmuseum. Toen ik hem zag, wist ik het meteen: dit wordt mijn afsluiter van 2025.

Klik op de foto en zeg: o ja, dat is echt Nederland 😅

Aan alle lezer, heel hartelijk dank voor het meelezen en reageren dit jaar. Een paar woorden doen ertoe. Het maakte dat ik doorging met bloggen 🌿

“There’s still wonder in the ordinary — enough for another year.”

---

1. Wat waren je doelen? Had je voornemens en heb je die gehaald? En ga je doelen stellen voor het nieuwe jaar of de komende maand?

Ja, ik had een doel en dat heb ik afgerond.
Ik heb mijn onderzoek voor mijn boek voltooid. Dat voelt als een duidelijke afronding.

Ik stel mezelf meestal geen grote, allesomvattende doelen. Die worden al snel te hoog, te vaag of te dwingend. In 2026 wil ik vooral doorgaan met wat ik nu doe: liefhebben, schrijven, kijken, vastleggen.

2. Waarin had je dit jaar het meeste plezier?

In eenvoudige momenten.
Koffiemomenten met mijn man. Gesprekken met de kids. Kleine uitjes tussendoor, wanneer het weer ging. Wandelen, kijken, foto’s maken. Niets groots, maar gewoon zoals ik het fijn vind.

3. Welk lied of welke liedregel verbindt je met 2025?

Als de liefde niet bestond. Luister het HIER
Een heel mooi Nederlands lied. Het raakt iets wezenlijks. En ja, ik zie er ook iets spiritueels (geestelijks) in als christen. Een dubbele laag. Maar ik betrek het ook op mijn huwelijk. En gouden momenten met mijn man.

4. De lekkerste of meest memorabele hap van dit jaar?

Een patatje.
Ik mag veel niet, maar patat mag ik wel. Met Zaanse mayonaise. 

5. Wat wil je in het nieuwe jaar doen? Meer of minder?

Ik wil mijn memoir gaan schrijven. Dat is het grote project.
Daarnaast ben ik ook met een ander boek bezig, om het leuk te houden.

Ik wil vooral meer geduld met mezelf hebben. Dat is ook mijn woord voor 2026: geduld.

6. Losse gedachte

Het wonder zit niet in het bijzondere,
maar in het gewone.
En daar is nog zoveel van over.

---

Doe ook mee met de Link Party van Huisvlijt

vrijdag 26 december 2025

Voor jou kom ik uit mijn (bloem)bol

Ik ben een amaryllis. Eind november lag ik nog in een winkel, in een grote bak met andere bollen. Toen opeens: een hand. Dé hand van de vrouw met de blauwe ogen. Ze keek, glimlachte even en zei: jou kies ik. En zo begon mijn avontuur.

Ik werd meegenomen naar een huis waar het stil was. Geen winkelgeluiden meer. Ik kreeg de mooiste pot van de wereld en een plekje op de vensterbank. Daar werd ik helemaal warm van. En toen begon het van binnen te kriebelen. Ik wilde me laten zien. Ik kwam steeds verder uit mijn bolletje.

O kijk, zei de vrouw met de blauwe ogen, kijk hoe mooi die steel is. Dat hoorde ik. Dus ik deed nog meer mijn best.

Elke dag bekeek ze me van top tot teen. Van voren, van opzij, van boven. Er werd gemeten, gefotografeerd, gewacht. Mijn knoppen werden zó zwaar, echt niet normaal. Ik boog steeds een beetje richting het raam. De vrouw met de blauwe ogen draaide mij dan voorzichtig terug.

Op een dag fluisterde ze: wanneer ga je bloeien?
En ik fluisterde terug: bijna. Wacht nog heel even. Het is een verrassing.

En toen werd het 25 december.
En ik wist: vandaag is de dag.


Eerst één bloem.
Toen nog één.

Ik heb nog nooit iemand zo blij zien kijken als de vrouw met de blauwe ogen. Hoeveel foto's ze van me maakte weet ik niet. Tel kwijt. Ze had het maar over die stralend blauwe vrieslucht achter me.

Mag ik een blog schrijven over jou? vroeg ze toen het donker werd en ze eindelijk haar camera weglegde.

Dat is goed, fluisterde ik, een beetje verlegen,
want voor jou ben ik uit mijn bolletje gekropen.

PS: There’s a new photo of the week on my blog, if you’re curious 🎅🍫

woensdag 24 december 2025

De mooiste midwinterwandeling

Het gaat vriezen vannacht.
En daar ben ik blij mee.
Eindelijk winter.

Zondagmiddag vierden mijn man en ik de kortste dag van het jaar.
Simpel. Down to earth.

We reden naar een plek in een natuurgebied waar we vaker lopen. Vroeg genoeg om de zon uit te zwaaien, en om ook nog een stukje schemer mee te maken.

Adembenemend.




Ik zag zwammen.
We hoorden ganzen en kieviten.
Het was rustig... hier en daar een wandelaar die, net als wij, de zonsondergang bewonderde. Je groet elkaar en loopt weer verder.

Ik dacht: over een paar maanden bloeien hier weer bloemen tussen het gras.
Kun je dat geloven?
Ik bijna niet.
Zo kaal als het nu is.

Maar dat heeft ook iets moois.

“I prefer winter and fall, when you feel the bone structure of the landscape.
Something waits beneath it; the whole story doesn’t show.”

— Andrew Wyeth

 

En toen zag ik een bloem.
Serieus.
Ik ging door de knieën om er een foto van te maken. Wie wordt er nu niet blij van een bloem in de winter?

Het was reukeloze kamille — lijkt op echte kamille, maar heeft bijna geen geur. De zon was net onder toen ik een paar foto’s maakte. 


Tijd om terug te lopen.
Het werd steeds donkerder.
Wat een fijne wandeling.

Om zo te vieren dat de kortste dag voorbij was.

Hiep, hiep, hoera —
vanaf nu worden de dagen weer langzaam langer,
eerst in de ochtend, pas later in de avond.



👉 Hoe gaat jouw week tot zover?

---

Doe ook mee met de Link Party van Huisvlijt